Ervaringen deelnemers

Ervaring: Ton Merckx

merckx

Zo’n kleine 12 jaar geleden reed ik mijn eerste AtosTour, toen nog vanuit Eindhoven naar Groningen. Gerrit Rorije had mij gevraagd het kopwerk op mij te nemen, een uitnodiging die ik graag aannam. Dan denk je in eerste instantie: wat kan ik verwachten van zo’n tocht en hoe loopt alles? Maar Gerrit kennende wist ik dat het hoogstwaarschijnlijk een goed lopende organisatie zou zijn. Ik heb die twee dagen over mij heen laten komen en sindsdien ben ik zeer enthousiast over de AtosTour.
Ik kan mij goed voorstellen dat fietsers/fietssters die zich voor de eerste keer aanmelden voor de AtosTour zich afvragen hoe deze rit verloopt en of ze wel capabel zijn om mee te rijden. Ten eerste kan ik deze nieuwe deelnemers mededelen dat het een puike organisatie is die geen enkel detail over het hoofd ziet. Je stapt in Eindhoven op donderdagmorgen in de bus en verder geen zorgen meer, alles is al geregeld.
Wat het fietsgedeelte (het belangrijkste) betreft, is het natuurlijk belangrijk dat je FIETS in prima staat verkeert. Een paar nieuwe banden en eventueel een nieuwe ketting/pignon/remblokken zijn geen overbodige luxe en zorgen ervoor dat je qua materiaal optimaal aan de start verschijnt. Ook heel belangrijk is een deugdelijke fietsverlichting omdat we in de vroege ochtend vanuit Parijs vertrekken en het dan nog donker is.
Als je fiets dan tiptop in orde is, komt het meest essentiele: je CONDITIE. De route Parijs-Eindhoven is niet superzwaar, maar is circa 450 km lang en loopt over licht glooiend terrein dus af en toe moet er worden geklommen. Dus is het van belang om toch wel enkele ritten van rond de 150 km te hebben gereden. Ook peloton ervaring is altijd meegenomen, want we rijden met zo’n 70 man in een gesloten peloton en dat dan twee aan twee!!! De kruissnelheid zal ongeveer 27 km per uur zijn waardoor we op een gemiddelde snelheid van circa 25 km per uur uitkomen. De twee vaste voorrijders houden dit goed in de gaten, slechts op twee plekken in de route is het toegestaan om de voorrijders te passeren: op dag 1 bij de beklimming naar le-Château-Auffrique en op dag 2 bij een lange kasseienstrook in België. Op tijdens de klim naar de jeugdherberg in Mons wordt het passeren van de voorrijders oogluikend toegestaan. Onderweg zijn er elke dag drie pauzes van ongeveer 30 minuten waar eten en drinken beschikbaar is. Ook wordt er bijna elke etappe wel een keer een sanitaire keer gestopt ingelast. Dit wordt van tevoren gemeld zodat iedereen er rekening mee kan houden. Deze stops vinden plaats ergens op het Franse/Belgische platteland of bij een verlaten parking c.q. weiland. Lekrijders worden door de volgauto van een nieuw wiel voorzien en worden door de bijrijders weer terug naar de groep gereden. Nieuwe deelnemers die eventueel bang zijn voor het tempo, zou ik willen aanraden de 3e of 4e positie in het peloton in te nemen. Je zit dan toch uit de wind en vooraan in het peloton is het tempo gelijkmatiger dan achterin in verband met het “harmonica-effect”. De wegkapiteins zorgen ervoor dat er twee aan twee wordt gereden en zij zorgen er ook voor dat als er iemand even een moeilijk moment heeft en naar achteren zakt, hij/zij weer naar voren wordt gedirigeerd. De aanwezige motards zorgen ervoor dat alle zijwegen worden afgezet, tegemoetkomend verkeer wordt gewaarschuwd en achteropkomend verkeer ons op een veilige manier kan passeren. Hiervoor is het belangrijk om zoveel mogelijk twee aan twee te blijven rijden. Op deze manier kunnen wij constant doorrijden zonder oponthoud en blijft het tempo mooi gelijkmatig.
In het kort komt het erop neer dat als je materiaal en conditie op peil zijn, je twee fantastische fietsdagen gaat beleven. En dan heb ik het nog niet over de gezellige avond op de markt van Mons. Onderschat de rit niet, maar laat je zeker niet gek maken met allerlei cowboyverhalen. En ga verder genieten van de route, de mooie vergezichten, dorpjes en de vele Atos-collega’s die meefietsen.

Met sportieve groeten, jullie voorrijder: Ton Merckx


 Ervaring: Frans den Oudsten.

oudsten

De AtosTour van Parijs naar Eindhoven is niet zo maar een fietstochtje. Met een afstand van 470 kilometer en 4400 hoogtemeters is de AtosTour een serieuze zaak. Geen hoge bergen, maar wel de hele dag op en af. Ondanks de begeleiding van 6 motards zal je toch zelf moeten trappen.
In de paar jaar die ik heb deelgenomen aan de  “De Lichtstadtoer” heb ik  ook allerlei weersomstandigheden ervaren. Je kunt geluk hebben met wind in de rug, maar je kunt het ook minder treffen met wind tegen of erger van opzij. Onder die omstandigheden biedt het peloton je niet te veel beschutting.
Sommige jaren waren zonnig en comfortabel, maar anderen jaren heb ik ook uren in de regen gereden of de hele dag met de wind op de kant.
Dit vereist een optimale concentratie en je verbruikt een zee aan energie. De AtosTour is dus niet een rit die je er even tussendoor kunt doen, maar vraagt een optimale lichamelijke en mentale conditie.

Is de AtosTour nog steeds leuk om te rijden? Ja, maar alleen als je bereid bent je goed voor te bereiden.
Hoewel iedereen anders is, zou ik in ieder geval het volgende programma willen adviseren:

  • Fiets tenminste 3500 – 4000 km op jaarbasis en fiets regelmatig (2 tot 3 keer per week).
  • Start je training uiterlijk in maart.
  • Vergroot de afstand van maand tot maand (van 75 km in maart tot meer dan 150 km in augustus).
  • Rij een keer een lange tocht in een grote groep; het rijden in een peloton vergt oefening!
  • Rij een paar flinke tochten in heuvels of bergen.
  • Probeer eens 2 dagen achter elkaar een flinke tocht te fietsen.
  • Zorg dat je in de weken voorafgaand aan de AtosTour een tocht van 200 km fietst.
  • Neem niet teveel rust tijdens de zomervakantie; blijf regelmatig fietsen.